Als perinataal psycholoog merk ik het elke week in de praktijk: veel jonge ouders vragen zich af waarom hun baby’tje vaak zonder reden weent, zich lijkt te verzetten tegen slaap of hij/zij moeilijk lijkt te ontspannen.
Steeds vaker gebruiken we het woord prikkelverwerking – en terecht. Het is een onderwerp dat in de Infant Mental Health (ofwel de psychologie van het jonge kind) enorm in de kijker staat, omdat het een sleutel vormt tot het begrijpen van het gedrag en het welbevinden van jonge kinderen.
Wat bedoelen we met prikkelverwerking?
Prikkelverwerking verwijst naar de manier waarop het zenuwstelsel informatie uit de omgeving en uit het eigen lichaam opvangt, ordent en er vervolgens op reageert. Bij baby’s (0–12 maanden) is dit systeem nog volop in ontwikkeling.
Je kan het vergelijken met een filter: sommige baby’s hebben een heel gevoelige filter waardoor élke prikkel binnenkomt, een lichtje, een geluid, een aanraking, een geur, en dat alles samen soms té veel wordt. Andere baby’s hebben juist een dikkere filter en lijken minder snel geraakt door wat er om hen heen gebeurt.
Die verschillen hebben niets te maken met opvoeding of gedrag, maar zijn deels biologisch en temperament gebonden vergelijkbaar met hoe sommige mensen een bril dragen en anderen niet. Het is geen kwestie van “aanstellen” of “trainen”, maar een uniek kenmerk van persoonlijkheid en prikkelgevoeligheid. Een baby kan dus niet kiezen hoe zijn zenuwstelsel prikkels verwerkt, en ook ouders hebben daar maar beperkt invloed op. Wat wél helpt, is begrijpen hoe jouw baby de wereld ervaart, zodat je zijn prikkelbalans beter kunt ondersteunen.
De vicieuze cirkel van prikkels en slaap
Sommige baby’s zijn van nature erg nieuwsgierig en sociaal – ze lijken altijd “aan” te staan. Deze kindjes, die ik soms lachend de “FOMO-baby’s” noem (Fear Of Missing Out), zijn gericht op prikkels: ze houden van contact, van beweging, van kijken en ontdekken.
Die interesse maakt hen vaak heel charmant en leergierig, maar ook kwetsbaarder voor overprikkeling. Want hoe meer prikkels ze opnemen, hoe meer hun systeem te verwerken krijgt – en dat vraagt rust en slaap.
Hier ontstaat vaak een vicieuze cirkel:
De baby wil niets missen en blijft alert → krijgt veel prikkels binnen
Door die prikkels raakt hij oververmoeid en kan moeilijker inslapen
Minder slaap betekent nóg minder herstel → de prikkels stapelen zich verder op
Aan de andere kant heb je baby’s die wat meer slaap toelaten. Ze lijken sneller de rust op te zoeken of trekken zich even terug na een druk moment. Dat betekent niet dat ze minder prikkelgevoelig zijn – sommige baby’s slapen juist omdat ze veel te verwerken hebben - ze geven gewoon gemakkelijker toe aan slaap. Slaap is dan een natuurlijke manier om hun systeem te helpen ontprikkelen.
Prikkelverwerking bij baby’s (0–12 maanden)
In het eerste levensjaar ontdekt een baby zijn lichaam en de wereld om zich heen via de zintuigen: zien, horen, voelen, ruiken, proeven en bewegen. Al die indrukken komen in deze periode echter nog ongefilterd binnen.
Stel je voor: terwijl je dit leest, richt je aandacht zich volledig op de tekst. Je bent je waarschijnlijk niet bewust van de druk van je voeten op de grond of van je zitvlak dat de stoel raakt. Nu ik het benoem, voel je het plots wél. Dat komt omdat wij als volwassenen hebben geleerd welke prikkels belangrijk zijn en welke we kunnen negeren. We kunnen onze aandacht richten en voelen wanneer iets “te veel” wordt, zodat we grenzen kunnen stellen - bijvoorbeeld door even rust te nemen of een boek te lezen.
Baby’s kunnen dat nog niet. Hun zenuwstelsel is volop in ontwikkeling en ze hebben nog geen filters of strategieën om zichzelf te beschermen tegen een teveel aan prikkels. Daarom zie je bij hen soms signalen van overprikkeling, zoals:
-
Wegkijken of het hoofdje wegdraaien
-
Druk bewegen of net helemaal stilvallen
- Huilen zonder duidelijke reden
-
Moeite met in slaap vallen of doorslapen
- Onrustig drinken of afgeleid zijn bij de voeding
Hun zenuwstelsel heeft dan moeite om al die prikkels te verwerken, waardoor ze regulatie nodig hebben van ons, de volwassene. Een baby kan zichzelf namelijk nog niet tot rust brengen. De co-regulatie met een ouder is daarom cruciaal. Dat betekent dat het zenuwstelsel van de baby zich afstemt op dat van de ouder - via je stem, je aanraking, je ritme en je aanwezigheid.
Wanneer jij je baby troost, zacht praat of wiegt, help je zijn lichaam letterlijk om tot rust te komen. Zo leert een baby beetje bij beetje wat ontspanning en veiligheid voelen is. Deze vroege ervaringen vormen de basis voor latere zelfregulatie – het vermogen om later als peuter of kleuter met spanning, frustratie of opwinding om te gaan
Waarom gericht speelgoed belangrijk is
In onze overvolle leefwereld worden baby’s vaak blootgesteld aan véél prikkels: kleurrijk speelgoed, geluiden, drukte, lichtjes… Hoewel dat aantrekkelijk lijkt, is het voor het jonge brein soms gewoon te veel van het goede.
Te veel speelgoed zorgt ervoor dat een baby geen rustmomenten krijgt. Hij springt van de ene prikkel naar de andere zonder tijd om te verwerken wat hij ervaart. Dat kan leiden tot onrust, huilbuien of een moeilijker slaappatroon.
Gericht, eenvoudig speelgoed helpt om focus en rust te brengen. Denk aan zachte doeken, rammelaars met een zacht en eenduidig geluid, houten ringen of een mobiel met trage, vloeiende bewegingen. Sensorisch materiaal - zoals verschillende stoffen, texturen of natuurlijke materialen nodigt uit tot voelen en ontdekken, zonder te overstelpen.
Tegelijk kunnen prikkels óók regulerend werken. Sommige zintuiglijke ervaringen helpen baby’s net om spanning af te voeren en hun zenuwstelsel tot rust te brengen. Zo kan het zachte geluid van een regenstok of het observeren van een sensorisch kalmeerflesje van Jellystone Design een baby helpen om te focussen en te ontspannen wanneer hij overprikkeld is. Of werk ik zelf graag met de sensorische pittenzakjes van Little Botanic: hun gewicht en textuur helpen kinderen spanning los te laten en hun lichaam beter te voelen. Voor iets oudere kinderen zijn de sensorische schijven van Tickit een echte aanrader: ze stimuleren het voelen, kijken en balanceren, waardoor ze hun zintuigen op een speelse maar regulerende manier leren gebruiken.
Zo leren baby’s en jonge kinderen stap voor stap niet alleen omgaan met prikkels, maar ook hoe ze die kunnen gebruiken om zichzelf te reguleren - precies wat hun zich ontwikkelende brein nodig heeft
Prikkelverwerking is dus een essentieel aspect van de vroege ontwikkeling. Door er als ouder aandacht voor te hebben, leer je beter afstemmen op de noden van jouw kindje en kan je gerichter materiaal of speelgoed aanbieden die passen bij het ontwikkelingsniveau, de interesse en het prikkelprofiel van jouw kindje.
Veel speelgenot!
Jolien van COCOON